Hyman Minsky woont in China

De miljardeninjectie die de Chinese Volksbank twee weken geleden aan het Chinese bancaire systeem gaf, was genoeg om de plotseling ontstane onrust op de financiële markten weg te nemen. De hoog opgelopen tarieven op de markt voor dag en weekgeld zakten weer razendsnel in. Kennelijk had de centrale bank inderdaad een verkeerde inschatting gemaakt van de vraag naar geld in december, een relatief eenvoudig te repareren probleem.

En zo liep de onrust, net als tijdens een vergelijkbare periode in de zomer met een sisser af. Maar misschien is dat toch te snel gedacht. Zo wijst Business Insider op de driemaandsrente. Die is sinds begin deze maand met 80 basispunten opgelopen en die stijging is door de ingreep van de centrale bank niet ongedaan gemaakt.

Verborgen bankbalansen

De website benadrukt daarbij dat het belang van de driemaandsrente niet onderschat mag worden, omdat de markt voor vermogensbeheerproducten er grotendeels op gebaseerd wordt.

‘Fitch Ratings says half of the $US2 trillion in outstanding liabilities in wealth products must be rolled over every three months, and a further 25pc every six months. There have been widespread reports in the Chinese press that many of these funds — a hidden second balance sheet of the banks – will face losses if they have to refinance at current rates.’

Het zou zo maar de trigger kunnen zijn die het kaartenhuis in elkaar doet storten. Duidelijk is namelijk dat vrijwel iedereen in China verslaafd is geraakt aan krediet, van projectontwikkelaars, staatsbedrijven, families tot lokale en stedelijke overheden. Aanvankelijk leende iedereen vooral van banken, maar de afgelopen jaren in toenemende mate van allerlei instellingen die tot het schaduwbanksysteem worden gerekend, zoals trustkantoren, verzekeraars en kleine woekeraars.

$24.000 mrd

Hoe groot die systemen ondertussen zijn geworden is lastig vast te stellen, maar volgens Business Insider bedraagt de totale uitstaande schuld in China inmiddels $24.000 mrd, terwijl dat ‘maar’ $9000 mrd was in 2008, voor de kredietcrisis. Een dergelijke kredietgroei is ongeëvenaard. Zelfs de keizers van de kredietmolen – de Japanners in de late jaren 80 – waren hierbij vergeleken kleine jongens.

Het probleem is alleen dat al die schulden (het is ruim anderhalf keer wat banken in de VS hebben uitstaan) nauwelijks nog terugverdiend worden. In China worden talloze onrendabele projecten opgezet. Het meest in het oog springen de wolkenkrabbers in dorpjes, spooksteden en metrolijnen die nergens heen gaan, maar het probleem is veel groter. Leverde iedere yuan aan krediet in 2007 nog 0,85 aan economisch rendement op, vandaag is dat nog geen 0,20.

Minsky-moment

Dat is een klassiek teken van ‘kredietuitputting’, schrijft Business Insider. Anders gezegd stijgt de waarde van de schulden steeds harder dan de waarde van de onderliggende activa. Onherroepelijk moet dat eens tot forse afschrijvingen leiden. Maar dat moment kan uitgesteld worden door de schuld door te rollen, door nieuwe leningen aan te gaan. Maar als dan ineens de rente stevig begint op te lopen, wordt dat natuurlijk wel een stuk lastiger.

Volgens econoom Wei Yao van Société Générale kan inmiddels een substantieel deel van het Chinese bedrijfsleven nog slechts aan zijn rente- en aflossingsverplichtingen voldoen door nieuwe schuld aan te gaan. Yao: ‘In Minsky’s raamwerk geldt dit als de laatste fase, het piramidespel, van juist voor de crisis.’

Volgens de Amerikaanse econoom Hyman Minsky, een van mijn grote economische helden, kan er in stabiele, welvarende tijden heel gemakkelijk een speculatieve euforie ontstaan. Als risico niet meer goed ingeprijsd wordt, financiële instellingen allerlei innovatieve financieringsconstructies bedenken en krediet op steeds grotere schaal wordt ingezet in niet-rendabele projecten, raakt het systeem uiteindelijk topzwaar. Een kleine, vaak futiele schok — het ‘Minsky’-moment — zorgt er dan voor dat het kaartenhuis in elkaar zakt.

Business Insider schrijft:

‘The central bank faces a delicate task trying to wean the economy off such extreme levels of credit, and may have left it too late to avert a stormy landing. The US crisis in 1929 and the Japanese crisis after 1990 were both triggered by central bank tightening intended to halt speculation, harder to achieve in practice than in theory. However, any crisis in China would be sui generis since the core of the Chinese banking system is state-owned.’

Kortom: heel China dreigt om te vallen als het misgaat.

Natuurlijk zijn er veel economen die denken dat het allemaal wel meevalt. Op de website van de VEB staat een aardig kort stukje waarom China in 2014 wel/niet implodeert.

Bij hyperinflatie heb je meer aan conserven dan aan goud

Als kind was de mythe van Koning Midas een van mijn favoriete verhalen. De doodsangst die hem overviel op het moment dat hij erachter kwam dat hij de hongerdood zou sterven door Dionysos’ ‘geschenk’, vond ik fantastisch. Alles dat hij aanraakte veranderde in goud, dus ook zijn eten.

Misschien heeft het verhaal er voor gezorgd dat ik goud een minder mooi edelmetaal vind dan zilver en misschien komt het ook door Midas dat ik altijd zo moet gniffelen om die volksstammen die zweren bij goud als de ultieme veilige haven, de zogeheten ‘goudgekkies’.

Veilige haven

De crises van de afgelopen jaren en de ongekende monetaire experimenten van onder meer de Federal Reserve, de Bank of Japan en de Europese Centrale Bank om de economische problemen te boven te komen, hebben ontzettend veel mensen de stuipen op het lijf gejaagd. Massaal hebben ze bescherming gezocht in het goud. ‘De wereld kan ineenstorten, maar als ik goud heb overleef ik het’, klinkt het steevast.

Maar daar ben ik niet zo zeker van. Als het geld inderdaad waardeloos wordt door die golf van hyperinflatie of die totale ineenstorting van het kapitalistische systeem, dan vrees ik dat de markt voor goud ook wordt meegetrokken in de grote kladderadatsch. Je hebt dan meer aan een grote voorraad conserven dan aan grote hoeveelheden goud. Dat kun je immers niet eten.

Self-fulfilling

Tot twee jaar geleden hadden de goudadepten het tij mee, omdat de prijs van het edelmetaal al jaren fors opliep. De bescherming van goud, zeker in de jaren waarin de beurs zo onder druk stond, was echter vooral een soort self-fulfilling prophecy. Inmiddels moeten de gekkies zich in allerlei bochten wringen om hun goudliefde te blijven belijden. Zo maken ze zichzelf nu bijvoorbeeld wijs dat de centrale banken nu samenzweren en de goudprijs ‘met opzet laag houden’.

Geen idee hoe dat werkt. Ik zie slechts dat de goudprijs in 2013 met maar liefst een kwart is gedaald, van zo’n $1600 per ounce tot $1209,09 afgelopen vrijdag. Dat goud zijn waarde vasthoudt, klopt in ieder geval niet zo.

Goud fd

Maar misschien moet de blik wat verruimd worden om te bekijken of die stelling klopt. Professor Jeremy Siegel van de Wharton School in Pennsylvania onderzocht in zijn boek Stocks for the Long Run wat beleggen op de ultralange termijn heeft opgeleverd. Zo vond hij dat een investering van $1 in goud in 1802 twee eeuwen later (december 2006) en na inflatiecorrectie slechts $1,95 had opgeleverd.

Een mandje Amerikaanse aandelen zou daarentegen niet minder dan $755.163 hebben gegenereerd. Met andere woorden waar goud jaarlijks 0,33% oplevert boven inflatie, bieden aandelen gemiddeld 6,86% bovenop de inflatie.

Maar tegelijk constateert Siegel dat goud veruit te prefereren valt boven cash. Van $1 in contanten bleef volgens hem na tweehonderd jaar slechts zes cent aan koopkracht over.

Waardevast?

Het beste wat dus van goud gezegd kan worden, is dat het op de lange termijn zijn waarde houdt. Maar in de afgelopen 33 jaar was dat zeker niet altijd het geval.

In januari 1980 bereikte goud een piekprijs van $850 per ounce, of wel $2399 in dollars van nu. In de volgende 21 jaar daalde de prijs met 70% naar een dieptepunt van $256. Daarna zette het herstel in tot $1921 in september 2011, waarna er in de volgende twee jaar dus weer ruim $700 van de prijs afging.

Goud is dus bovenal een bijzonder volatiel beleggingsobject. Wie in 2001 instapte, zat een decennium lang goed. Maar wie op basis van die hausse in 2011 dacht in te stappen had er goed aan gedaan om de prijsontwikkeling in de 21 jaar na 1980 te bestuderen.

Mijn conclusie is: geen mens wordt 200 en voor wie toch zijn heil in goud denkt te moeten zoeken, lijkt me een belegging in gouddelvers te prefereren boven de grondstof. Eerlijkheidshalve moet ik wel zeggen dat ik geen idee heb of de mijnbouwers in de afgelopen eeuwen een beetje aardig hebben meebewogen met de rest van de aandelenmarkt.

Zo vader zo zoon (of dochter) in Oost-Azië

Ik ben niet zo van de poppetjes. De structuur van een systeem is in mijn ogen meestal veel belangrijker. Dat geldt zeker voor moderne samenlevingen. De politieke leider kan slechts wat accenten zetten. En als het hem of haar lukt om de maatschappij een andere richting op te duwen, dan gaat dat slechts met behulp van een team dat in staat is een achterban te mobiliseren.

Dat neemt niet weg dat het op z’n tijd best aardig is om de verhouding tussen enkele landen te beschrijven vanuit de persoonlijke geschiedenis van de leiders. Ian Buruma, professor Democratie, Mensenrechten en Journalistiek aan Bard College in New York, deed dit onlangs op een zeer intrigerende wijze met China, Japan en Zuid-Korea, drie landen die in een Koude Oorlog verzeild lijken te raken om enkele vrijwel onbewoonde archipels in de Oost-Chinese Zee.

Volgens Buruma is een ‘biografische verklaring’ van de territoriale conflicten in het dynastieke Oost-Azië zinvol.

Hij begint met Shinzo Abe, de premier van Japan. Zijn ideeën over een militair sterk Japan, een land dat niet langer wordt beperkt door een pacifistische, door de Amerikanen opgelegde grondwet, zijn hem ingefluisterd door zijn opa Nobusuke Kishi. Deze Kishi, in de jaren 30 en 40 een nationalist met fascistische overtuigingen, was industrieel bureaucraat in imperiaal Japan en een tijdje de baas over het Japanse protectoraat Mantsjoekwo in Noord-China. Na de oorlog werd hij door de Amerikanen beschouwd als oorlogscrimineel. Zonder proces werd hij echter vrijgelaten uit de gevangenis om twaalf jaar later op de golven van het anti-communisme tot premier te worden benoemd.

Een van de mensen die in Kishi’s keizerlijke leger in China diende was Takagi Masao, iemand die later bekend werd onder zijn Koreaanse naam Park Chung-hee. Deze Park pleegde in 1961 een staatsgreep in Zuid-Korea. Achttien jaar lang bleef hij de leider van dat land, tot hij in 1979 vermoord werd. In die tijd wist hij de basis te leggen van het economische succesverhaal dat Zuid-Korea zou worden. (Na de Koreaanse oorlog was het een van de armste land ter wereld). Net als Kishi was ook Park een communistenhater. Hij zette zich vooral af tegen Noord-Korea en wist al die tijd redelijk goede banden met de oude kolonisator Japan te houden.

Niemand minder dan zijn dochter, Park Geun-hye, is nu de president van Zuid-Korea. Zij adoreerde volgens Buruma haar vader, ‘net zoals Abe zijn grootvader lief had’. Dochter Park is net zo’n nationalist als haar vader, maar in het huidige Korea is het niet meer voldoende om je tegen Noord-Korea af te zetten. Dat moet nu vooral ook tegen Japan en dat doet ze dan ook.

In China is de huidige leider Xi Jinping de zoon van Xi Zhongxun, een van Mao’s getrouwen in de Communistische strijd tegen de nationalisten van Tsjang Kai-sjek en de Japanners. Zijn guerrillastrijd was zo indrukwekkend dat hij alle latere zuiveringen van Mao wist te overleven, maar dat lukte slechts door een zeer pragmatische houding aan te nemen.

Na Mao kwam die houding hem goed uit omdat hij gemakkelijk het kapitalisme van Deng Xiaoping kon omarmen in het ideologische post-marxisme en post-maoistische vacuüm. Dat kapitalisme kon slechts ingevoerd worden op een nationalistische agenda en dus op een koers tegen de Britten in Hongkong en vooral tegen de oude vijand Japan. Dat nationalisme van Xi Zhongxun is volgens Buruma geïnternaliseerd door zijn zoon.

En zo komen Abe, Park en Xi elkaar tegen in het territoriale conflict in de Oost-Chinese Zee. Het is dat de Amerikanen op de achtergrond de status quo kunnen afdwingen. Maar de vraag is hoe lang nog. 

“Tapering is geen Nederlands”

Met de eindredactie van Het Financieele Dagblad valt niet te spotten. Denk niet dat je als redacteur zo maar, zonder verdere uitleg, ‘haviken en duiven’ mag gebruiken voor centrale bankiers die graag de teugels aantrekken dan wel laten vieren.

Het argument ‘onderschat het niveau van onze lezers niet’ wordt zelden geaccepteerd. En dat geldt evenmin voor de opmerking dat er geen sprake meer is van jargon als een begrip dagelijks in de krant staat.

‘Nee, Marcel’, klinkt het dan. ‘Ga ervan uit dat iemand drie maanden in Zambia heeft gezeten en dan voor het eerst weer een FD’tje in zijn handen gedrukt krijgt. Die lezer moet je verhaal kunnen begrijpen.’ Over het algemeen heeft de eindredactie natuurlijk gelijk. Voor je het weet staat de krant vol met begrippen die je slechts in vakbladen wilt tegenkomen.

Engelse termen

Extra lastig wordt het met Engelse begrippen. Kun je die vertalen? Moet je dat ook doen? En hoe vaak dien je die dan ook nog uit te leggen? Over het woordje ‘tapering’ hebben we bijvoorbeeld bijzonder lang gediscussieerd of het vrolijk en vrijelijk mocht worden gebruikt. Niet dus.

In 2012 kwam de term ‘fiscal cliff’ opzetten, de afgrond waarin de VS in zouden vallen als enkele bezuinigingen automatische in zouden gaan en belastingvrijstellingen zouden expireren. Dit thema domineerde maandenlang de berichtgeving over de VS. Ik heb toen een poging gedaan om de term te vertalen in het Nederlandse ‘begrotingsravijn’, maar voor het een beetje inburgerde kwam er een campagne op de redactie op gang om die term te vermijden, ‘want hij was wel erg lelijk’.

Tapering 

Dit jaar kregen we te maken met ‘QE3’, het derde rondje geldpers van de Fed (dat nu dus wordt afgebouwd), ‘tapering’, de afbouw van QE3, en de ‘shutdown’, het op slot gaan van de overheid in de VS vanwege onenigheid in het Congres.

Dichterbij huis zagen we een downgrade’ van onze ‘triple A-rating’ op ons afkomen en ook de bail-in’, de bijdrage die beleggers en spaarders moeten leveren bij het omvallen van een bank.

‘Geen blijvertjes’

Econoom Maarten Leen van ING maakte een studie naar deze begrippen. Niet alleen is onze taal dit jaar verrijkt met het woord ‘selfie’,  schrijft hij vanmiddag in een nieuwsbrief aan klanten. Vanuit de financiële markten maken steeds meer Engelse woorden een opmars binnen ons taalgebied. De vraag is in hoeverre deze begrippen, die dus lange tijd de stemming in de markten bepalen, blijven hangen.

Door ze in te voeren in Google Trends ontdekte hij dat de meeste geen blijvertjes zijn. ‘De belangstelling piekt even en zakt daarna weer snel weg’, aldus Leen. ‘Dat is misschien maar goed ook want vaak gaat het om zaken die voor aandelenbeleggers weinig goeds betekenen. De AEX steeg de meeste tijd van het jaar dan ook gewoon door.’

Image

(Bron: ING)

Broederlijke hulp, bestaat dat?

President Vladimir Poetin van Rusland heeft vandaag laten weten dat zijn land zijn ‘broederlijke’ buurland wel uit de economische crisis moest helpen, geheel belangeloos. ‘Als we echt zeggen dat de Oekraïners een broederlijke natie en volk zijn, moeten we optreden als naaste verwanten en die natie helpen’, sprak Poetin vanuit Moskou. Ja ja.

Dinsdag werd tijdens een bezoek van de Oekraïense president Viktor Janoekovitsj aan Moskou bekend dat Rusland de gasprijs voor het buurland significant verlaagt, van $400 naar $268 per duizend kuub. Ook is er toegezegd om $15 mrd te beleggen in Oekraïense staatsobligaties. Daarmee kan Oekraïne het weer even uitzingen, zonder te hoeven bezuinigen of hervormen. De Oekraïense premier Nikolaj Azarov zei daarop dat Moskou zijn land heeft gered van een bankroet.

‘No strings attached’

Volgens Poetin zijn er ‘geen voorwaarden’ aan de redding verbonden. Er is met geen woord gerept over de door hem zo gewenste toetreding van Oekraïne tot een door Rusland geleide douane-unie met Wit-Rusland en Kazachstan. Sterker, als Kiev de banden met de Europese Unie wil aanhalen, dan moet het dat vooral doen, zo lang het de Russische economische belangen maar niet schaadt.

En dat gelooft…? Veelzeggend is volgens mij de opmerking die een van de Russische onderhandelaars na afloop van de Oekraïens-Russische gesprekken tegen zakenkrant Kommersant zei: ‘Ze zijn nu van ons’.

oekraine_rtr
Pro-Europese demonstranten met een Oekraïense vlag en een Europese vlag.
Reuters

Eenvoudige keuze

Voor Janoekovitsj was de keuze gemakkelijk: zonder tegenprestatie een zak geld en goedkoop gas uit Moskou of een duizend pagina’s dik Associatieverdrag met Brussel vol richtlijnen over privatiseringen, liberaliseringen en verbeteringen aan de ‘rule of law’, en hieraan gekoppeld een steunprogramma van het IMF waar zoals altijd keiharde bezuinigings- en hervormingscondities aan verbonden zijn. Dit zijn maatregelen die een herverkiezing van Janoekovitsj in 2015 wel heel onwaarschijnlijk maken.

Maar, zo zeggen Douglas en Heidi Rediker van respectievelijk het Peterson Institute en de Council on Foreign Relations in een artikel in Foreign Policy, de ervaring leert dat landen die voor die zak geld gaan uiteindelijk toch nooit aan die hervormingen ontkomen, ook Oekraïne niet.

‘Promises of no-strings-attached financial support often end up requiring not just political sacrifices, but, ironically, pressure to adopt the same type of economic reforms generally proposed by the IMF.’

De Redikers wijzen hierbij allereerst op Egypte. Egypte stond een aantal keren op het punt om een IMF-programma te aanvaarden, maar uiteindelijk koos het toch voor de miljardenhulp uit eerst Qatar en later uit Saoedi-Arabië, Koeweit en de Emiraten. Zonder hervormingen ging het met de Egyptische economie ondertussen alleen maar slechter. En wat eisen die laatste landen inmiddels? Caïro moet zich toch maar onderwerpen aan een IMF-programma ‘om te voorkomen dat de tijdelijk uitgeworpen kredietlijnen veranderen in een eindeloze afhankelijkheidsrelatie’.

Wit-Rusland

Interessanter voor Kiev is misschien nog wel de hulp die Moskou in 2011 aan Minsk gaf. Ook aan deze $10 mrd steun aan Wit-Rusland bleken toch voorwaarden te zijn gesteld. In de woorden van de Redikers:

‘The bailout from Russia contained familiar-sounding painful macroeconomic medicine, including cuts to subsidies, exchange rate liberalization, privatization, and structural reforms. In his own words, Sergei Shatalov, the Russian official who negotiated the deal at the time, said, “If you look at the financial terms of this loan to Belarus, more than anything this is like an International Monetary Fund program.”

Voor de Redikers is het duidelijk. Kiev ‘mag’ in ruil voor geld de stap naar de douane-unie zetten en de deur naar Europa definitief dichtgooien. Daarna, als het een vazalstaat is geworden, mag het land op z’n IMF’s hervormen.

‘So the choice for Ukraine will undoubtedly include tough economic reforms, regardless of which way it turns. Only in one case, it includes the prospect of the loss of independence, domestic political discontent, and longer-term lost opportunity costs from turning away from Europe—the world’s largest economic bloc.’

‘Misschien omdat hij een leuke baard heeft’

De Federal Reserve gaat vanaf volgende maand de geldkraan dichtdraaien. De economie is er klaar voor, de werkloosheid komt snel genoeg naar beneden en de politiek zal voorlopig geen roet in het eten gooien. Enige punt van zorg is nog de veel te lage inflatie.

Maar wees niet bang: de Fed zal de beleidsrente nog heel lang op het huidige ultralage niveau houden. Zoiets als snel oplopende hypotheekrentes zullen uitblijven en ook in Europa en de opkomende landen hoeft niemand in de stress te schieten. Tenminste, dat is de bedoeling, dus laten we het hopen.

Op 31 januari kan Ben Bernanke de voorzittershamer van het bankenstelsel met een gerust hart de voorzittershamer overdragen aan Janet Yellen. Zij mag dan samen met Stanley Fischer gaan bedenken hoe de $4000 mrd grote balans van de Fed kunnen verkleinen, zonder dat dit tot gierende inflatie zal leiden.0

Enfin, al surfend over het web kwam ik een aardig filmpje tegen over de Fed en zijn voorzitter Ben Bernanke. Quantitative Easing Explained:

– ‘Welke kwalificaties bezit Bernanke dat hij de Fed mag leiden?
– ‘Geen idee, misschien het feit dat hij zo’n mooie baard heeft.’

Dat werk, maar wel leuk. Vraag me af of Ben er zelf ook om kan lachen.

Zo ‘outrageous’ zijn die voorspellingen van Saxo niet

Zoals dat altijd gaat in de laatste maanden van het jaar wordt de financiële pers ook nu weer door banken, effectenhuizen en andere instellingen overspoeld met vooruitblikken voor het nieuwe jaar. Over het algemeen zitten daar weinig verrassende inzichten bij. De analisten spelen graag op safe en trekken de lopende trends meestal gewoon door. Daarom liggen hun verwachtingen ook nooit zo ver uit elkaar.

Voor 2014 is het beeld er dan ook een van:

  • een groeiversnelling in de Verenigde Staten;
  • Europa moddert door, zij het dat de regio het dal wel achter zich heeft gelaten;
  • China blijft doordenderen;
  • de opkomende landen haperen wat, maar kijken per saldo toch omhoog;
  • Japan blijft een mysterie.

Voor beleggers is het zaak om uit obligaties en in aandelen te stappen. Goud is geen goed idee, oliegerelateerde activa zijn interessant en de euro zal eindelijk verzwakken. Enfin, lees hoe collega Joost Dobber grasduinde door de vergezichten en er vijf thema’s uit viste.

‘Outrageous predictions’ 

Hoe informatief alle uitgewerkte prognoses ook zijn, veel leuker is het om de bijdrage te lezen die handelshuis Saxo Bank vandaag publiceerde, namelijk de tien ‘outrageous predictions’ voor 2014, ‘voorspellingen die strategisch zijn afgeleid van een denkbare, zij het onwaarschijnlijke, reeks markt-gerelateerde en politieke gebeurtenissen’.

Het zijn niet de officiële voorspellingen van Saxo Bank. Het zijn oefeningen die bedoeld zijn om de belangrijkste risico’s van het kapitaalbehoud te beoordelen, aldus de Deense effectenbank. Maar wat mij al lezende opvalt aan de voorspellingen is dat de helft helemaal niet zo ‘outrageous’ zijn.

Paniek

Dat de Europese Commissie in een paniekreactie op deflatie en een gebrek aan groei een vermogensbelasting oplegt aan iedereen met meer dan €100.000 aan spaargeld, lijkt me inderdaad niet zo voor de hand liggen. Dat de Japanse centrale bank een streep zet door de staatsleningen die ze in bezit heeft, ook niet. Noch dat aandelen als Amazon, Twitter en Netflix geweldig onderuit gaan in 2014.

Maar dat de munten van de Fragile Five (Brazilië, India, Indonesië, Zuid-Afrika en Turkije) kans lopen om een kwart van hun waarde te verliezen, vind ik niet zo’n hele gekke voorspelling. Het zijn landen die kampen met enorme tekorten op zowel de begroting als de lopende rekening, waar met het oog op de komende verkiezingen voorlopig niets aan wordt gedaan.

Franse malaise

Een ander idee is dat de Parijse CAC40-index met 40% onderuit gaat. Waarom is dat outragious? Frankrijk doet onder Hollande nauwelijks iets om de economie te hervormen, de huizenprijzen die na de crisis nooit echt een correctie te zien hebben gegeven, kunnen best in een duikvlucht terechtkomen, waardoor de consumptie en het vertrouwen klappen krijgen.

En waarom zou de olieprijs inderdaad niet terug kunnen zakken naar $80. De schalierevolutie maakt ’s werelds belangrijkste olieconsument zelfvoorzienend, terwijl de traditionele olie-exporteurs graag de oliekraan voluit open houden. Die laatste hebben de revenuen immers nodig om hun begrotingsgaten te dichten en de bevolking te vriend te houden. Overproductie kan zomaar de norm worden in 2014.

Duitse inzinking

Tenslotte vind ik het niet zo’n gekke gedachte dat Duitsland wegzinkt, niet zozeer omdat andere landen gezamenlijk stappen zetten om het hoge overschot op de Duitse lopende rekening te verminderen, maar wel omdat het land nu met Merkel III de hervormingen van Gerhard Schröder terugdraait, de concurrentiekracht afneemt en de jaren van onderinvesteringen pijnlijk gevoeld zullen worden.

Hoofdeconoom Steen Jakobsen van Saxo Bank stelt in een begeleidend schrijven dat de vooruitzichten niet zijn bedoeld als pessimistische vooruitblik.

‘…dit gaat over cruciale gebeurtenissen die tot een ommekeer kunnen leiden – hopelijk ten goede. Per slot, als we  terugblikken op de geschiedenis, zijn alle veranderingen, goede en slechte, tot stand gekomen in tijden van crisis na een integraal falen van de oude manier waarop de dingen werden gedaan.’

steen-jakobsen

Steen Jakobsen (bron: Saxo)